Zoeken

Sporten goed voor carrière

18 februari 2010

Ruim de helft van de Nederlanders (60 procent) denkt tijdens het sporten aan het werk en komt al fittnessend op nieuwe ideeën. Sporters zijn bovendien meer tevreden met hun werk dan niet-sportende werknemers en ze zijn meer bezig met hun loopbaan. Ook hebben sportievelingen een lager ziekteverzuim (3 ziektedagen versus 5 ziektedagen). Dit blijkt uit een onderzoek van Monsterboard over sport en carrière onder meer dan 12.000 Nederlanders.

Een meerderheid van de respondenten (55 procent) hecht veel belang aan hun carrière. Voor sportievelingen geldt dit het sterkst, van de sporters ziet 32 procent een carrière als een van zijn topprioriteiten of zelfs als dé topprioriteit. Bij de niet sporters is dit 27 procent. Hoe hoger het inkomen hoe meer kans dat iemand sport, van de hogere inkomensgroepen sporten meer respondenten dan van de groepen met een lager inkomen.

Tijdgebrek
Een ruime meerderheid van de ondervraagden (80 procent) doet aan sport. 69 procent doet dat minstens twee keer per week, niet-sporters geven als reden meestal tijdgebrek aan (30 procent). De populairste sport is fitness: bijna de helft (46 procent) traint in een sportschool. Sporten gebeurt bijna altijd doordeweeks (90 procent) en dan vooral ’s avonds (85 procent). Een klein gedeelte sport ’s ochtends (14 procent) en een enkeling doet dat tijdens de lunch (1 procent). Daarnaast sport 60 procent (ook) in het weekend.

Werkgever
Ondanks dat sporten een gunstige invloed lijkt te hebben op het werk, maken werkgevers hiervan maar weinig gebruik. De meerderheid van de werknemers (83 procent) geeft aan niet door de baas te worden aangemoedigd om te sporten. Bijna driekwart (74 procent) zou een (financiële) stimulans wel waarderen. Vooral mensen die al sporten zien het als een positieve beloning voor hun inzet. Bovendien verwacht meer dan de helft (54 procent) dat zo’n stimulans de productiviteit ten goede komt. Ruim 1 op de 2 werknemers ziet graag een beloning in de vorm van korting op een fitnessabonnement, gevolgd door fitnessapparatuur op kantoor (13 procent) en een interne competitie (10 procent).

Bron: nu.nl


Trainingproducties lanceert eerste Iphone Applicatie voor de HRM markt

3 februari 2010

Trainingproducties, bureau  voor effectieve communicatie, heeft als eerste trainingsbureau in Nederland een Iphone applicatie ontwikkelt speciaal voor professionals die verantwoordelijk zijn voor het trainen van medewerkers.

Tp Tools, zoals de applicatie heet, is deels een handig naslagwerk met een aantal prominente communicatiemodellen op thema uitgewerkt. Daarnaast biedt TP Tools een overzicht van het complete trainingsaanbod van Trainingproducties. De mogelijkheid bestaat om vanuit de applicatie direct in te schrijven voor elke  training.

Veel vragen over het hoe van communicatie verdwijnen na het volgen van een communicatietraining, maar vaak na een gegeven tijd zakt de theorie wat weg. En dat handige spiekpasje wat je na de training mee kreeg is ook nergens meer te vinden. Met de uitermate handige TP Tools applicatie  van Trainingproducties heb je altijd je spiekpasjes bij de hand. TP Tools bevat een korte, bondige en overzichtelijke uitleg van de meest gebruikte modellen in trainingen. Feedback, schakelmodel, beoordelingsgesprekken, slechtnieuws brengen, ze komen allemaal aan bod in een handig overzicht. Daarnaast biedt TP Tools een compleet en actueel overzicht van alle communicatietrainingen die Trainingproducties aanbiedt.

De applicatie, die gratis te downloaden is, is zeer breed van toepassing. Trainingproducties biedt organisaties tevens de mogelijkheid om TP Tools geheel aan te passen aan de specifieke ingekochte producten. Zo ontstaat een custom-made product die de effectiviteit van de ingekochte trainingen aanzienlijk vergroot. Trainingsdata, locatie, wijzigingen, theorie, alle informatie is up-to-date beschikbaar voor alle deelnemers en de HR manager. 

TP Tools  is een initiatief van Trainingproducties; de brug tussen begrijpen en kunnen. TP Tools is gratis beschikbaar in de Itunes store: http://itunes.com/apps/tptools en op de website van Trainingproducties: www.trainingproducties.nl
Voor informatie, bel Trainingproducties: 023 555 2763


Werknemers motiveren en inspireren

3 februari 2010

Bedrijven en organisaties moeten voor een werkomgeving zorgen waarin managers hun werknemers kunnen motiveren en inspireren. Maar effectief ‘empowering’ leiderschap is ook afhankelijk van de invloed die werknemers op de managers hebben, en van het karakter van de manager. Dit stelt Natalia Hakimi in haar proefschrift ‘Leader Empowering Behaviour: The Leader’s Perspective’.

Vertrouwen
Uit het onderzoek naar de motivatie van leiders om hun ondergeschikten te empoweren kwam naar voren dat vertrouwen van de leider of manager in de werknemer een belangrijke factor is. Managers die consciëntieus ofwel zorgvuldig zijn vertrouwen op de integriteit en prestaties van hun werknemers. Deze managers gebruiken dit vertrouwen weer om de werknemers te motiveren en kunnen hen autonomie en verantwoordelijkheid geven. Ook voor managers die veel werkdruk ervaren, geldt dat zij rekening houden met de betrouwbaarheid van de werknemers.

Verantwoordelijkheid
Bedrijven die willen dat hun empowerment programma effectief is, moeten rekening houden met deze karaktereigenschappen en omgevingsfactoren van de manager. Alleen dan kunnen managers adequate beslissingen nemen die ervoor zorgen dat werknemers hun werk leuk vinden en zich betrokken voelen bij de organisatie. Daarnaast is het belangrijk dat organisaties de verantwoordelijkheid van de acties van empowered werknemers niet afschuift op de manager, maar deze ook bij de werknemers zelf laat.

Mannelijke en vrouwelijke leiders
Verder blijkt ook een verschil tussen vrouwelijke en mannelijke leiders. Vrouwen moeten over het algemeen meer bewijzen dat zij gekwalificeerde managers zijn. Dit zorgt ervoor dat vrouwelijke managers minder vertrouwen in hun werknemers hebben en zij hen daarom minder kunnen empoweren. Als organisaties hier rekening mee houden, kunnen zij de empowering strategie van de vrouwelijke leiders op waarde schatten. Op deze manier kunnen organisaties de effectiviteit van het empowering leiderschap beter evalueren.

Bron: http://www.eur.nl/nieuws/detail/article/16472/


Leiderskarakter heeft minder werkstress

2 februari 2010

Werknemers met een A-persoonlijkheid lopen heel veel kans om met werkstress geconfronteerd te worden, maar er is één karaktertrek die dat risico verlaagt. Werknemers met een A-persoonlijkheid hebben immers meestal ook leidinggevende capaciteiten, wat hen zich heel comfortabel laat voelen. Dat zeggen wetenschappers van de University of Helsinki. Werknemers met een A-persoonlijkheid worden meestal omschreven als agressief, koppig en gedreven, maar zijn ook geneigd om een leidersrol te willen opnemen.

De resultaten van het onderzoek moeten kunnen helpen om projecten rond stress-reductie te ontwikkelen. Dat is volgens de onderzoekers bijzonder belangrijk, aangezien stress een steeds groter probleem vormt op de werkvloer. `Hoge scores op het gebied van agressie, koppigheid en gedrevenheid hebben allemaal een band met een hoge werkstress,` aldus het magazine Medical News Today. `Bovendien leiden deze karaktertrekken vaak tot een onevenwicht tussen inspanning en beloning, één van de belangrijkste oorzaken van werkstress.

Werknemers die hoge scores halen op het gebied van leiderschap vertoonden daarentegen minder werkstress. Die hoge scores zijn gelinkt aan grote werkinspanningen, maar ook aan een hoog beloningsniveau. Bovendien is er ook een duidelijke band met een hoge jobcontrole, wat eveneens kan bijdragen tot het reduceren van de werkstress. Door medewerkers meer verantwoordelijkheid te geven, kunnen bedrijven de werkstress dan ook aanzienlijk terugschroeven.

Bron(nen): Express.be / MD Info (1-2-2010)


Nederlanders zijn socialer dan ze zelf denken

2 februari 2010

Het beeld dat Nederlanders individualistische egoïsten zijn, klopt niet. Hoewel uit veel enquêtes blijkt dat Nederlanders pessimistisch zijn over de saamhorigheid in de samenleving en zich zorgen maken over de verhuftering, worden deze zorgen gelogenstraft door de werkelijkheid.

Zo blijkt de Nederlander bijvoorbeeld vrijgevig en geeft een gemiddeld Nederland huishouden jaarlijks 260 euro uit aan goede doelen. De gemiddelde Nederlander heeft vier vrienden en beoordeelt deze op een schaal van 10 met een 7,7. Ook met de familie zit het wel goed: negen op de tien bezoekt familie wekelijks en het bevolkingsdeel dat familie bezoekt is toegenomen van 82% in 1997 naar 86% nu. De meerderheid van de Nederlanders is tevreden met de saamhorigheid in de eigen buurt: een derde heeft wekelijks minstens eenmaal contact met de buren, drie kwart zou zelfs meer contact willen, maar komt daar door alle drukte niet aan toe. Nederlanders blijken ook goed van vertrouwen te zijn, al moet Nederland de Scandinavische landen op dit gebied nog voor zich dulden.

Meer dan de helft van de Nederlanders is bevriend met een collega en waardeert zijn collega met een 7,5 op een schaal van 10. Ook deelt meer dan de helft van de Nederlanders persoonlijke geheimen met een collega.

Bronnen: Elsevier (30-01-2010)/ MD Weekly (02-02-2010)


Samenwerken levert meer op

30 januari 2010

In een interview in De Volkskrant geeft Rens van Tilburg (staflid van de Adviesraad voor Wetenschaps- en Technologiebeleid) zijn mening over de crisis van het kapitalisme. In het interview onderstreept hij zijn mening over vooruitgang, geluk en samenwerken.

Volgens Rens van Tilburg is vooruitgang: geluk voor geld. Hij geeft aan: “Als het goed is, is alle beleid gericht op geluk. Het staat in de grondwet van de VS. Daarin wordt gesproken over ‘the persuit of happiness’. Het stamt uit de tijd van de Britse filosoof Jeremy Bentham die ‘the greatest happiness for the greatest number’ tot maatschappelijk ideaal verhief.

Sommige mensen denken dat de roep om ‘meer geld’ juist door de crisis aan overtuigingskracht wint. Mensen verliezen banen, huizenprijzen dalen, pensioenen staan onder druk. Rens geeft aan: “Er is een test gedaan met eerstejaarsstudenten psychologie, eerstejaars economie en vierdejaars economie. De studenten konden kiezen tussen ‘samenwerken’ of ‘niet samenwerken’.†Gezamenlijk was het meest te verdienen door samen te werken. Maar als de ene proefpersoon inzette op samenwerken en de andere niet, bleef de een met lege handen achter, ging de ander er met de buit vandoor. “Uit het onderzoek bleek dat de eerstejaars economie net sociaal waren als de eerstejaars psychologie. Maar de vierdejaars economiestudenten gedroegen zich na vier jaar zoals het hun vier jaar lang geleerd was: het eigenbelang is de motor van de maatschappij. Kies voor jezelf, waarom zou je samenwerken, het algemene belang is niet meer dan de som van de individuele belangen, maximaliseer je eigen nut.

Het interessante van het onderzoek is dat het laat zien dat een model niet alleen dient om de wereld te beschrijven, nee, de wereld gaat zich ook gedragen conform het model. Economiestudenten die zich de theorie van de maximalisering van het nut eigen maken, creëren voor zichzelf ook een wereldbeeld waarin het eigenbelang voorrang krijgt. Dit is fascinerend omdat het ook de oplossing biedt. Draai het om. Leer mensen niet: wees egoïstisch want iedereen is immers egoïstisch. Leer mensen de meerwaarde van altruïsme.

Altruïsme zit in de mens. Mensen zijn sociale dieren die graag willen samenwerken. Maar breng ze in een systeem waar de economische prikkels op eigenbelang zijn gericht en ze gaan zich ernaar gedragen.â€

Bron: De Volkskrant, 30-01-2010


Arbeid & Geluk

18 januari 2010

De afgelopen tien jaar is er veel wetenschappelijk onderzoek naar geluk gedaan. Ook is daarbij gekeken naar de rol die werk heeft op het geluksniveau. Wat maakt geluk langdurend? Het geheim van geluk schuilt in het vinden van activiteiten waarin volledige gewenning nooit helemaal wordt bereikt. De Britse econoom sir Richard Layard verwoordt in zijn boek Happiness kernachtig de oplossing van het geheim: het gaat om de tijd die we met familie en vrienden doorbrengen en om de kwaliteit van ons werk en de zekerheid die we eraan ontlenen. Daarbij is de liefde het belangrijkste, maar voor de meesten niet genoeg: we willen ons ook nuttig voelen door een zinvolle bijdrage te leveren aan de gemeenschap. Kortom, door werk (zowel betaalde arbeid als vrijwilligerswerk). Maar hoe kan werk langdurig gelukkig maken?

Hoogleraar arbeids- en organisatiepsychologie Wilmar Schaufeli deed vijftien jaar lang uitsluitend onderzoek naar burn-out, verzuim en werkstress tot hij in 1999 tijdens een sabbatical in Spanje zich de vraag stelde: waarom altijd die burn-out, er zijn immers veel meer mensen die met plezier naar hun werk gaan. Sindsdien heeft hij met zijn onderzoeksgroep tientallen studies gedaan naar arbeidsplezier, toewijding en bevlogenheid. De vragen die zij stelden, gingen terug tot de oerreacties van de mens. Zo is over de functie van negatieve emoties veel bekend. Eenvoudig gezegd: wie bang is die vlucht, wie boos is die vecht. Maar hoe zit het met de functie van positieve ervaringen? Leidt blijheid of tevredenheid niet veelal tot heerlijk achteroverleunen en nagenieten – een op het eerste oog toch weinig productieve reactie?

De functie van positieve emoties ligt vooral op de lange termijn, zegt Schaufeli. Wie gelukkig is, krijgt meer zelfvertrouwen en staat open voor steeds nieuwe ervaringen. Positieve ervaringen zijn de motor achter zelfontplooiing. Positieve emoties ervaren we vooral op die momenten waarop we ons in een situatie bevinden die zeer uitdagend is, veel vaardigheid vereist en vergezeld gaat van gevoelens van concentratie, creativiteit en bevrediging. Momenten waarop we zo opgaan in wat we doen dat we elke notie van tijd vergeten. De Amerikaans/Hongaarse psycholoog Mihaly Csikszentmihalyi noemt dit flow. Zo’n flow-beleving van een diep gevoel van voldoening doet zich vaker voor op het werk dan thuis, blijkt uit zijn onderzoek. De verklaring hiervoor ligt vooral in de structuur van het werk. Meestal zijn doelen en regels duidelijk en zijn goed concentreren en het (volledig) benutten van onze vaardigheden vereisten om de uitdaging aan te kunnen gaan. Thuis zijn we vaak sneller afgeleid, weten we niet hoe goed of hoe slecht we iets doen en hebben we minder snel het gevoel dat we het beste uit onszelf halen.

De gelukkigste mensen zijn bevlogen mensen
‘Bevlogenheid is simpelweg het tegenovergestelde van burn-out’, zegt Wilmar Schaufeli. Wie bevlogen is, vergeet de dingen om zich heen (flow/absorptie), hij voelt zich fit en sterk op het werk en bruist van energie (vitaliteit) en vindt het werk nuttig, inspirerend en uitdagend (toewijding).

Twaalf procent van de Nederlanders valt in de categorie van ‘bevlogen werknemer’. Ze doen hun werk altijd vol overgave en passie, en stralen die bevlogenheid ook uit buiten het werk, dus thuis, bij vrienden, of op de sportvereniging, noem maar op. Driekwart van de Nederlandse werknemers zegt dikwijls of regelmatig met bevlogenheid zijn werk te doen. Maar voor iedereen die werkt, geldt, aldus Schaufeli, dat arbeid structuur geeft aan het leven, kansen geeft tot zelfontplooiing en het leggen van sociale contacten, en het leven zin geeft.

Werk heeft nog nooit zo veel vreugde gegeven als nu, stellen geluksonderzoekers. Werkdagen van 16 uur zijn hier allang verleden tijd. Je letterlijk kapotwerken, hoeft niet meer. Een fatsoenlijk salaris, goede sociale voorzieningen, ontslagbescherming – het is allemaal geregeld. Alleen de tijdsdruk is enorm toegenomen. De snelheid van leven is hoog.

De Duitse socioloog Manfred Garhammer zocht uit wat hiervan het effect is. Tot zijn verbazing ontdekte hij een opmerkelijk verband tussen tijdsdruk en geluksniveau. In moderne samenlevingen waar de tijdsdruk hoog is, zijn de inwoners het meest tevreden met hun leven. Garhammer noemt dit de paradox van mensen in de moderne meerkeuzesamenleving. De meest actieve personen zijn ook het meest gelukkig.
Voor de Utrechtse burn-outdeskundige Schaufeli is de vraag of werk gelukkig maakt met één zin te beantwoorden: ‘Werk kent nadelen, maar wie helemaal geen werk heeft, is veelal doodongelukkig.’

Bron: http://www.hartenziel.nl/artikel/Dilemma__mijn_baan_wordt_een_sleur


Feedback geven aan de baas is goed voor de gezondheid

14 januari 2010

Werknemers zouden hun baas vaker moeten zeggen wat zij van hem vinden, want dit is goed voor de gezondheid. Dit blijkt uit onderzoek van de stichting Affinity Health At Work.  De relatie tussen managers en hun werknemers op de werkvloer wordt vaak als grootste stressbron beschouwd, terwijl dit gemakkelijk verholpen kan worden. Werknemers die hun baas namelijk geregeld vertellen wat ze van hem denken, zouden al gelukkiger, gezonder en minder gestrest zijn.

Managers die feedback ontvangen veranderen vaker hun leiderschapsstijl en worden ook effectiever gevonden. Andersom geldt hetzelfde: bazen die nooit kritiek krijgen, passen hun manier van leidinggeven veel minder snel aan. Als leidinggevenden nooit een spiegel krijgen voorgehouden dan zien ze simpelweg niet hoe ze overkomen en waarom ze zouden veranderen.

Wanneer er een stressvolle situatie ontstaat tussen managers en werknemers kan dit op verschillende manieren tot uiting komen, zowel psychologisch als fysiek en cognitief. Het is veelal een significante factor in ziekteverzuim en zet de achterblijvers die de zaak draaiende moeten houde onder grote druk. Hierdoor ontstaat een negatieve spiraal rondom deze vervelende stress en uiteindelijk betalen individuele werknemers en het bedrijf hiervoor de prijs.

Bron: nu.nl


Bedrijven moeten meer samenwerken

21 december 2009

Een economische crisis levert organisaties ook kansen op, vindt een belangrijk deel (bijna 40 procent) van werkend Nederland. Bedrijven zouden meer moeten samenwerken door elkaars faciliteiten te gebruiken of kennis uit te wisselen. Dit blijkt uit een onderzoek van Pecoma Business Technology. ‘Slimmer werken’ wordt in het onderzoek gedefinieerd als het kritisch kijken naar werkzaamheden en processen door bedrijven, anders dan alleen kostenbesparingen.

Bijna driekwart van de werknemers onderschrijft het belang van ’slimmer werken’: 73 procent geeft aan dat de eigen organisatie het personeel hiertoe moet stimuleren. Werknemers zien op dit punt ook een eigen verantwoordelijkheid. Een ruime meerderheid – 65 procent - denkt nu al met de organisatie mee om tot slimmere manieren van werken te komen.

Volgens werkend Nederland kunnen bedrijven elkaar helpen tijdens een crisis. Bijvoorbeeld door gebruik te maken van elkaars faciliteiten. Bijna twee derde (61 procent) is van mening dat bedrijven elkaar kunnen helpen door kennis uit te wisselen. Ook gezamenlijk onderzoek zien respondenten als reëel: 39 procent van de respondenten ziet dit als een mogelijkheid voor bedrijven om de handen ineen te slaan. Het samenvoegen van activiteiten wordt door 30 procent van de respondenten als een serieuze optie gezien. Werknemers gaan in hun denken
al veel verder dan veel werkgevers, die vaak uit concurrentieoverwegingen bang zijn hun deuren open te gooien.

Bron: nu.nl


Angst voor functioneringsgesprek is logisch, maar niet nodig

21 december 2009

Werknemers ontkomen niet aan het functioneringsgesprek. In deze economische onzekere tijden vrezen velen voor hun baan en gaan daarom onzeker het functioneringsgesprek in. Belangrijk om te weten: je hoeft niet alles te accepteren.

Toen vorig jaar de eindejaarsgesprekken plaatsvonden, was nog niet duidelijk welk effect de crisis had. Dat is nu wel anders. Inmiddels zijn werkgevers druk aan het reorganiseren. Dat maakt werknemers erg onzeker. Belangrijkste advies: deeltijd-ww, arbeidstijdverkorting, loonmatiging; je baas brengt het misschien als een voldongen feit, maar je hoeft er niet zomaar mee akkoord te gaan.
Verwacht je slecht nieuws? Neem even de tijd om uit te zoeken wat je rechten zijn. Misschien kun je bij je vakbond terecht, of heb je een rechtsbijstandverzekering. Ook in slechte tijden geldt: bereid je goed voor op een functioneringsgesprek. Het lijkt misschien een formaliteit, maar dat is het niet. Zo’n gesprek zou geen verrassingen moeten opleveren. Als het goed is, heb je (meetbare) afspraken gemaakt met je leidinggevende en weet je wel of hij of zij tevreden is. Voor iedereen die toch onzeker is, zie het nieuwsbericht ‘Enkele tips voor het functioneringsgesprek’.

Bron: De Volkskrant